Zitting bij de strafrechter (inhoudelijk en verloop)

Tijdens de zitting in uw strafzaak zal de rechter de zaak inhoudelijk beoordelen. Om dat te kunnen doen, zal de rechter de feiten en omstandigheden waarvan u wordt verdacht met u bespreken. De officier van justitie en uw advocaat hebben ook de gelegenheid om eventueel vragen aan u te stellen. Ook bespreekt de rechter uw persoonlijke omstandigheden met u. Daarmee probeert de rechter zich een beeld van u te vormen om te kunnen vaststellen welke straf, in geval van een veroordeling, het meest passend zou zijn.

Voor de inhoudelijke beoordeling van een strafzaak moet de rechter 4 vragen beantwoorden:

1. Is het ‘wettig en overtuigend’ bewezen dat u het feit gepleegd heeft?

Deze vraag beantwoordt de rechter aan de hand van:
• wettige bewijsmiddelen zoals de aangifte, getuigenverklaringen, deskundigenverklaringen en beeldmateriaal dat de rechter zelf heeft gezien;
• zijn eigen overtuiging. De rechter moet op grond van de bewijsmiddelen overtuigd zijn dat u het feit heeft begaan. Is de rechter hiervan niet overtuigd, dan wordt u vrijgesproken.

2. Is het feit strafbaar?

Als het feit bewezen is, zal de rechtbank moeten nagaan of het ook strafbaar is. Alle strafbare feiten zijn vastgelegd in de wet. Alleen als de hele omschrijving van het strafbare feit in de aanklacht (tenlastelegging) is overgenomen, is er sprake van een strafbaar feit. In bijzondere omstandigheden kan het begrijpelijk zijn dat u zich niet strikt aan de wet heeft gehouden. Het feit is dan niet strafbaar.

3. Bent u strafbaar?

U bent geen strafbare dader als het plegen van de daad u niet aan te rekenen is. Misschien kon u er niets aan doen dat u gehandeld heeft zoals u handelde. In bijzondere omstandigheden kan het begrijpelijk zijn dat u zich niet strikt aan de wet heeft gehouden. U bent dan niet strafbaar.

4. Welke straf krijgt u opgelegd?

Als de rechter heeft vastgesteld dat u het strafbare feit heeft begaan en daarvoor strafbaar bent, zal hij bepalen of u een straf en/of maatregel krijgt opgelegd.
De rechtbanken en gerechtshoven hebben in de loop der jaren zogenaamde oriëntatiepunten voor straftoemeting ontwikkeld. Deze geven weer welke strafrechters bij bepaalde strafbare feiten ongeveer opleggen. In veel oriëntatiepunten worden ook omstandigheden genoemd waardoor de straf hoger of lager uitvalt. De rechter is niet gebonden aan deze oriëntatiepunten. De rechter zal elke zaak rekening houden met de bijzondere omstandigheden van de situatie.

Verloop van een zitting bij de strafrechter

De inhoudelijke behandeling van een strafzaak verloopt als volgt:

  1.  De bode roept uw naam en zaak, iedereen neemt plaats in de zittingszaal.
  2.  De rechter controleert de persoonsgegevens en geeft een korte uitleg over uw rechten tijdens de zitting, zoals het recht om niet te antwoorden op vragen die worden gesteld, het zwijgrecht.
  3.  De officier van justitie leest de tenlastelegging voor. Hierin staat waarvan u wordt verdacht.
  4.  Er vindt onderzoek door de rechter plaats (vragen aan u als verdachte, horen van eventuele getuigen/deskundigen en behandelen van de stukken).
  5.  Behandeling van een eventuele vordering voor een schadevergoeding van een benadeelde partij (slachtoffer). De benadeelde mag ook een mondelinge toelichting geven.
  6.  In sommige gevallen mag een slachtoffer spreekrecht uitoefenen. Het slachtoffer mag dan aan de rechter – los van een verzoek tot schadevergoeding – toelichten welke gevolgen het strafbare feit voor hem/haar heeft gehad.
  7.  Behandeling van persoonlijke omstandigheden van u als verdachte.
  8.  De officier van justitie geeft zijn standpunt over uw zaak (requisitoir) en zegt welke straf hij eist.
  9.  Daarna houdt uw advocaat (of u zelf) een pleidooi. Dit is uw verdediging.
  10.  De officier van justitie mag ingaan op het pleidooi.
  11.  U of uw advocaat mag reageren op wat de officier heeft gezegd. U mag als verdachte zelf geen vragen stellen aan de officier van justitie. Wel mag u het aangeven als iets niet duidelijk is.
  12.  Als verdachte krijgt u het laatste woord.
  13.  Na het laatste woord sluit de rechter het onderzoek af. De rechter geeft aan wanneer de uitspraak zal worden gedaan en wijst u op de mogelijkheid van hoger beroep.

Strafrechtadvocaat in Ede

Wordt u verdacht van een strafbaar feit of wordt u opgeroepen voor een verhoor? Neem vrijblijvend contact op met strafrechtadvocaat Christiaan Plaat. Zo weet u snel waar u aan toe bent. Als advocaat strafrecht zijn wij gevestigd in Ede en werkzaam in heel Nederland. U kunt ons ook bereiken via 0318-300464.